Internationaal

Internationaal

ATD Vierde Wereld, opgestart in een sloppenwijk in Frankrijk in de jaren ’50, zorgde ervoor dat de strijd tegen armoede herkend werd als een schending van de rechten van de mens.

Joseph Wresinski bekommerde zich sinds 1956 om het lot van 250 dakloze gezinnen in Noisy-le-Grand, een barakkenkamp nabij Parijs. Hij werkte er als aalmoezenier en werd er dagelijks geconfronteerd met de bijna uitzichtloze situatie waarin deze gezinnen zich bevonden. De gezinnen huisden er samen in een noodkamp in schrijnende omstandigheden. Het katapulteerde Wresinski terug naar zijn eigen kindertijd, en de armoede waarin zijn gezin werd opgevoed. Hij stelde vooral ook vast dat slechts een zeer kleine groep er in slaagde om zijn levensomstandigheden te verbeteren en het kamp te kunnen verlaten.

Samen met de gezinnen startte hij een gemeenschapsproject op: hij wou deze groep mensen in contact brengen met de overheid en andere instanties, zoals de Verenigde Naties. Op die manier konden de gezinnen meewerken aan oplossingen om hun situatie te verbeteren. Omdat de overheid deze groep gezinnen in eerste instantie beschouwde als mensen van lagere afkomst, kreeg ze in het begin geen erkenning. Maar meer en meer mensen sloten zich aan bij de organisatie en ‘ATD Vierde Wereld‘ werd geboren. Een politiek en religieus onafhankelijke werkgroep van vrijwilligers die samen met mensen in armoede in het noodkamp gingen samenleven. Met de “Vierde Wereld” verwijst Wresinski naar de groep mensen in armoede en zonder politieke invloed. ATD stond in de beginjaren voor “Aide à Toute Détresse”, nu staat het voor “Agir Tous pour la Dignité” of “All Together for Dignity” (Samen voor waardigheid).

In de jaren 60,70 en 80 groeide ATD Vierde Wereld uit tot een internationale beweging, eerst binnen Europa en daarna ook in Noord- en Midden-Amerika, Azië en tenslotte ook Afrika.

1987 was een belangrijk jaar voor ATD Vierde Wereld. Wresinski schreef het rapport ‘Chronic Poverty and Lack of Basic Security‘. Hierin stelde hij extreme armoede gelijk aan een schending van de mensenrechten. Maar hij benadrukte vooral ook het grote belang van de participatie van mensen in armoede: mensen in armoede moeten beschouwd worden als een volwaardige partner om armoede te bestrijden. Het rapport vormde de basis voor de wetgeving rond sociale uitsluiting in Frankrijk. In oktober van dat jaar herhaalde hij de kern van deze boodschap in een toespraak voor 100.000 mensen in Parijs.

Ook nadat hij stierf, groeide ATD Vierde Wereld verder. Onze beweging wordt beschouwd als volwaardige partner in de strijd tegen armoede. In 1994 organiseerde de VN een seminarie waar mensenrechtenexperts en mensen in armoede samen zaten. In 2012 stelde de raad van mensenrechten van diezelfde VN dat armoedebestrijding niet enkel een morele, maar ook een wettelijke plicht is. Tot op de dag van vandaag verbindt onze beweging de stem van mensen in armoede met beleidsmakers over de hele wereld.

ATD begon ooit als een niet-erkende organisatie maar is ondertussen actief in meer dan 30 landen. We worden erkend door de Verenigde Naties, de Europese Unie en talloze andere instanties. We blijven strijden om extreme armoede uit onze maatschappij te bannen en willen dat mensen in armoede hierin zelf een bepalende rol spelen.

Meer weten over onze stichter Joseph Wresinski

Europa : België, Franrijk, Spanje, Duitsland, Ierland, Italië, Luxemburg, Nederland, Polen, Zwitserland, Verenigd Koninkrijk.
Noord-Amerika : Canada en de Verenigde Staten
Latijns-Amerika : Bolivië, Brazilië, Guatemala, Haïti, Honduras, Mexico en Peru
Afrika : Burkina Faso, Kameroen, Centraal Afrikaanse Rebuliek, Democratische Rebubliek Congo, Ivoorkust, Senegal en Tanzania
Indische Oceaan : Madagascar, Mauritius en Réunion
Azië : Filippijnen en Thailand