De moeizame zoektocht naar een woning | Opiniestuk

Marijke Decuypere weet uit ervaring hoe moeilijk het is voor mensen in armoede om een betaalbare woning te vinden. De regering kan meer doen om te garanderen dat ze een dak boven hun hoofd hebben.

Al meer dan twintig jaar help ik mensen in armoede op weg en kom ik samen met hen op voor hun rechten. Dat het recht op wonen een recht is waar je hard voor moet knokken, heb ik samen met hen ervaren: niet alleen zijn goede woningen onbetaalbaar, mensen met een beperkt inkomen worden gediscrimineerd. Komt de waarborg van het OCMW of heb je geen werk? Dan is de woning plots verhuurd.

Na al die tijd heb ik toch nog blinde vlekken. Ik onderschatte de angst die leeft bij mensen in armoede om dakloos te worden. Ik ging voorbij aan hun vrees om hun rechten te laten gelden. Tijdens twee bijeenkomsten van de volksuniversiteit van de vierde wereld debatteerden mensen met langdurige armoede-ervaring over het huurdecreet. Bijna iedereen houdt pijnlijke herinneringen over aan de zoektocht naar een woning. De huurwaarborg van twee naar drie maanden optrekken, zou voor meerdere mensen de fatale laatste duw kunnen zijn die leidt naar dakloosheid. Sommigen liggen er nu al wakker van. Dat de overheid anonieme leningen belooft, stelt niet gerust. Het spookbeeld doemt al op van incassobureaus die langskomen omdat het krappe gezinsbudget niet toelaat om het afbetalingsplan voor de waarborg te respecteren.

Verlammende angst

Wie ooit dakloos was, wil het niet meer meemaken. De angst om geen dak meer boven het hoofd te hebben, verlamt. Wat doe je dan? Je aanvaardt veel, je slikt praktijken die niet door de beugel kunnen. Ik kan niet vergeten wat een deelneemster vertelde: ‘Ik ben onlangs verhuisd. Ik weet dat je de waarborg op een geblokkeerde rekening moet storten. Ik had alles met de bank geregeld. Maar toen zei de eigenaar dat ze niets moet hebben van een geblokkeerde rekening. Ik was verplicht om de waarborg op een spaarrekening van haar te storten. Ik had die woning dringend nodig, en dus stemde ik in.’

Ik onderschatte de angst die leeft bij mensen in armoede om dakloos te worden

Dat er onvoldoende huurwoningen zijn, privé en sociaal, is duidelijk een kans voor sommige eigenaars om hun macht te misbruiken en de wetten die de huurder beschermen aan hun laars te lappen. Investeren in kwaliteit van de woning, vinden niet alle eigenaars nodig. Onze gastspreker, Joy Verstichele van het huurdersplatform, gaf onthutsende cijfers: één op de twee woningen voldoet niet. Dit betekent dat enkele huurders, die recht hebben op huursubsidies, die financiële ondersteuning mislopen. Je kan alleen aanspraak maken op een huursubsidie als de woning door Wonen Vlaanderen geschikt bevonden wordt. Tijdens dit onderzoek komen vaak verborgen verbreken naar boven. Na het onderzoek krijgt de eigenaar de uitnodiging om de nodige verbeteringswerken aan te brengen. Dat gebeurt niet altijd, maar heeft wel tot gevolg dat de huurder naast de subsidies grijpt.

Onevenwicht

Daarom vonden de deelnemers aan de volksuniversiteit het belangrijk dat de overheid meer controle uitoefent op huurwoningen. Iedere woning zou over een attest moeten beschikken. Een attest dat de verhuurder pas krijgt als de woning voldoet aan de kwaliteitseisen van een goede woning.

De overheid staat al jaren voor een gigantische uitdaging: het recht op wonen voor alle burgers garanderen. Al jaren is er een groot onevenwicht: er zijn bonussen, premies, belastingaftrek die mensen aanmoedigen om een eigen woning te verwerven. In het laatste rapport van Decenniumdoelen staat dat het subsidiebedrag voor eigenaar-bewoners 4,9 keer groter is dan dat voor huurders. Wat doet de regering om erop toe te zien dat die steeds grotere groep mensen, die onvoldoende middelen heeft om een eigen huis te hebben, ook zeker kan zijn van een goede, betaalbare woning? De balans in evenwicht brengen is nodig. Durft en wil de regering dit?

Bron: De Standaard, 3 januari 2018